
Zes maanden nadat Frankrijk begon met het experimenteren met gedifferentieerde ticketprijzen, waarbij niet-Europese bezoekers tot €10 meer betalen bij vijf topattracties, blijven de bezoekersaantallen uit verre markten sterk. In het Louvre steeg het tarief voor niet-EU-bezoekers van €22 naar €32, terwijl Versailles ging van €32 naar €35. Museumdirecteuren melden weinig weerstand; personeel geeft aan dat de meeste buitenlandse toeristen spontaan hun ID tonen wanneer hierom wordt gevraagd. Het Centre des Monuments Nationaux schat dat alleen al Château de Chambord in de eerste helft van 2026 een extra €300.000 heeft verdiend. Toch is het totale aantal bezoekers jaar-op-jaar met 7% gedaald, waarbij de Financiële Commissie van de Senaat de terugval wijt aan minder boekingen bij luchtvaartmaatschappijen door opeenvolgende hittegolven. Deze daling betekent dat het ministerie van Cultuur mogelijk de verwachte extra inkomsten van €9,3 miljoen in 2026 niet haalt, ondanks een hogere besteding per bezoeker. Operationeel zorgen de identiteitscontroles om het nieuwe tarief te handhaven voor vertragingen bij de toegang tot Sainte-Chapelle en Versailles, waardoor deze locaties extra personeel aan de voorkant hebben ingezet tijdens het drukke zomerseizoen. Reisorganisaties wordt aangeraden VIP-klanten te adviseren 30 minuten eerder te arriveren dan voor de beleidswijziging, om de veiligheids- en ID-controles soepel te laten verlopen. Nu de publieke subsidies afnemen, wil het ministerie van Cultuur het prijsbeleid vanaf 2027 uitbreiden naar andere nationale musea, maar analisten waarschuwen dat verdere prijsverhogingen de concurrentiepositie van Frankrijk ten opzichte van Spanje en Italië voor zakelijke verlengingen met vrijetijdsbesteding kunnen ondermijnen. Voorlopig blijft Parijs echter een onmisbare stop op de meeste zakelijke incentive-routes.
Bron: Le Monde