
In de vroege ochtend van 4 juli meldde de Chinese kustwacht dat zij een handhavingspatrouille had uitgezonden naar wateren op 54 zeemijl ten oosten van Hualien, Taiwan. Deze actie volgt op een vergelijkbare operatie in juni en zet de praktijk voort waarbij Beijing witte patrouillevaartuigen – in plaats van de marine – inzet in betwiste gebieden, een tactiek die Taiwan bestempelt als “lawfare”. De Taiwanese Mainland Affairs Council veroordeelde de patrouille als een illegale machtsgreep, terwijl de Taiwanese kustwacht de twee Chinese schepen op de voet volgde en lokale vissers waarschuwde om geen boardingverzoeken te accepteren. Analisten stellen dat deze inzet de internationale reactie op de proef stelt en de aanwezigheid van de Chinese kustwacht langs belangrijke scheepvaartroutes tussen Japan, Taiwan en Hongkong kan normaliseren. Voor de wereldwijde mobiliteitssector betekent de verscherpte handhaving mogelijk omgeleide veerboten en strengere controles op pleziervaartuigen en privéjachten die soms tussen Xiamen en Taiwanese havens varen. Maritieme verzekeraars vertelden Reuters dat de premies voor overtochten van de Straat van Taiwan kunnen stijgen als patrouilles de norm worden. Multinationals aan de oostkust van Taiwan moeten mogelijk ook hun evacuatieplannen, die afhankelijk zijn van zeetransport, herzien. Beijing rechtvaardigt de missie met verwijzing naar maritieme grensbesprekingen tussen Japan en de Filipijnen, die volgens China Chinese wateren raken. De patrouille verweeft daarmee mobiliteit, handel en geopolitiek in een van Azië’s meest gevoelige corridors.
Bron: Reuters