
De regering bevestigde op 17 december dat het Verenigd Koninkrijk vanaf januari 2027 zal deelnemen aan het EU-programma Erasmus+, dat een budget van €26 miljard heeft. Het ministerie van Financiën heeft £570 miljoen gereserveerd voor het eerste jaar, na het onderhandelen over een korting van 30% op de kosten vergeleken met de pre-Brexitvoorwaarden. Naar verwachting zullen in het eerste jaar tot 100.000 deelnemers uit het VK profiteren, waaronder universiteitsstudenten, stagiairs, volwassen leerlingen en jeugdwerkers.
De hernieuwde deelname komt tegemoet aan een belofte uit het Labour-partijprogramma om de ‘mens-tot-mens verbindingen’ met Europa te herstellen. Het is ook een teken van verbeterde relaties tussen het VK en de EU, na de bredere “reset”-gesprekken die eerder dit jaar leidden tot een pilot voor jongerenmobiliteit. Onderwijsleiders juichten de beslissing toe en benadrukten dat Erasmus niet alleen semesters in het buitenland omvat, maar ook stages en beroepsgerichte uitwisselingen.
Universiteiten VK voorspellen een netto vaardigheidswinst voor werkgevers: afgestudeerden met internationale ervaring hebben 20% minder kans om zes maanden na hun afstuderen werkloos te zijn, en stagiairs met taalvaardigheden kunnen helpen tekorten op exportmarkten op te vangen. Bedrijven die deelnemen aan het leerwerkheffingsprogramma kunnen samenwerken met hogescholen om stagiairs bij EU-bedrijven te plaatsen, gefinancierd door Erasmus-subsidies.
De toekomst van het binnenlandse Turing Scheme is nog onduidelijk, maar ministers suggereerden dat beide programma’s naast elkaar kunnen bestaan, waarbij Turing zich richt op wereldwijde (niet-EU) bestemmingen. Sectororganisaties vragen om duidelijkheid om dubbele financiering in de begrotingen van 2026/27 te voorkomen.
Voor managers van internationale mobiliteit betekent de aansluiting bij Erasmus+ een hernieuwde vraag naar kortdurende detacheringen bij EU-kantoren en mogelijk een opleving van bedrijfsgerichte ‘sandwichjaar’-plaatsen, die de instroom van afgestudeerden in het bedrijfsleven vergemakkelijken.
De hernieuwde deelname komt tegemoet aan een belofte uit het Labour-partijprogramma om de ‘mens-tot-mens verbindingen’ met Europa te herstellen. Het is ook een teken van verbeterde relaties tussen het VK en de EU, na de bredere “reset”-gesprekken die eerder dit jaar leidden tot een pilot voor jongerenmobiliteit. Onderwijsleiders juichten de beslissing toe en benadrukten dat Erasmus niet alleen semesters in het buitenland omvat, maar ook stages en beroepsgerichte uitwisselingen.
Universiteiten VK voorspellen een netto vaardigheidswinst voor werkgevers: afgestudeerden met internationale ervaring hebben 20% minder kans om zes maanden na hun afstuderen werkloos te zijn, en stagiairs met taalvaardigheden kunnen helpen tekorten op exportmarkten op te vangen. Bedrijven die deelnemen aan het leerwerkheffingsprogramma kunnen samenwerken met hogescholen om stagiairs bij EU-bedrijven te plaatsen, gefinancierd door Erasmus-subsidies.
De toekomst van het binnenlandse Turing Scheme is nog onduidelijk, maar ministers suggereerden dat beide programma’s naast elkaar kunnen bestaan, waarbij Turing zich richt op wereldwijde (niet-EU) bestemmingen. Sectororganisaties vragen om duidelijkheid om dubbele financiering in de begrotingen van 2026/27 te voorkomen.
Voor managers van internationale mobiliteit betekent de aansluiting bij Erasmus+ een hernieuwde vraag naar kortdurende detacheringen bij EU-kantoren en mogelijk een opleving van bedrijfsgerichte ‘sandwichjaar’-plaatsen, die de instroom van afgestudeerden in het bedrijfsleven vergemakkelijken.
Bron: The Guardian