
Buitenlandminister José Manuel Albares bevestigde op 25 juni dat 68 Spaanse staatsburgers nog steeds onbereikbaar zijn na twee zware aardbevingen in Venezuela. Onderweg naar de Dominicaanse Republiek riep Albares Spanjaarden in Venezuela op om de noodnummers van de ambassade te bellen. Hij meldde ook dat een Airbus A330 met 57 UME-reddingswerkers diezelfde avond vanuit Madrid zal vertrekken. Het consulaire crisisteam van Spanje heeft het snelreactieprotocol geactiveerd, dat onder meer het opsporen van burgers via het Registro de Viajeros omvat en de coördinatie met lokale Spaanse verenigingen. Het ambassadegebouw in Caracas liep matige schade op, maar blijft operationeel. Multinationale bedrijven met expatpersoneel in Venezuela zijn geadviseerd hun interne lijsten te vergelijken met de lijst van vermiste personen van het ministerie. Standaard reisverzekeringen voor bedrijven dekken mogelijk geen evacuatievluchten bij natuurrampen, dus risicomanagers wordt aangeraden de polisvoorwaarden te herzien. Dit incident benadrukt het belang van het registreren van zelfs kortdurende zakenreizen bij consulaire diensten – een stap die vaak wordt overgeslagen wanneer werknemers reizen met Schengen-paspoorten die 90 dagen verblijf zonder visum toestaan. In Spanje heeft het nieuws de discussie over verplichte reizigersregistratie voor bedrijven die personeel naar risicogebieden sturen, opnieuw doen oplaaien. Albares gaf ook aan dat het logistieke centrum van AECID in Panama klaarstaat om medische hulpgoederen te verzenden, wat aantoont dat Spanje steeds vaker gebruikmaakt van regionale voorraden om de reactietijd bij humanitaire hulp te verkorten.
Bron: El País