
De Belgische Ministerraad heeft bij tweede lezing een wetsvoorstel goedgekeurd dat de politie, met een rechterlijke machtiging, toestaat privéwoningen binnen te gaan om buitenlandse onderdanen op te pakken die een afdwingbare uitzettingsbevel negeren. Het voorstel, goedgekeurd op 3 april en gepubliceerd op 7 april, wijzigt de baanbrekende Vreemdelingenwet van 1980 door de artikelen 74/7 en 74/7/1 toe te voegen. Migratieminister Anneleen Van Bossuyt stelt dat deze maatregel een “handhavingskloof” zal dichten, waardoor uitgeprocedeerde vreemdelingen niet langer kunnen schuilen achter de onschendbaarheid van de woning. Justitieminister Annelies Verlinden benadrukt dat binnentreden uitzonderlijk zal zijn, beperkt tot gevallen die een bedreiging vormen voor de openbare orde of veiligheid, en altijd vooraf schriftelijk door een rechter moet worden goedgekeurd. Vrijheidsrechtenorganisaties, waaronder Amnesty International België, noemen het wetsvoorstel disproportioneel en mogelijk in strijd met artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De Raad van State zal binnen 30 dagen een nieuw advies uitbrengen, waarna het parlement nog moet stemmen – wat betekent dat de vroegste inwerkingtreding eind zomer 2026 zal zijn. Vanuit het oogpunt van arbeidsmobiliteit is de boodschap duidelijk: het overschrijden van verblijfsduur of het niet naleven van de verlenging van verblijfskaarten kan binnenkort leiden tot strengere handhaving. Werkgevers doen er goed aan hun administratie van meldingen van gedetacheerde werknemers en houders van een single permit die bijna aan het einde van hun contract zitten, te controleren en vertrek- of statuswisselingen goed vast te leggen. Als de wet wordt aangenomen, sluit België zich aan bij Nederland en Zweden, die de politie voor migratiehandhaving onder voorwaarden toegang tot woningen geven – een teken van een continentale verschuiving naar strengere terugkeerbeleid, voorafgaand aan de operationele fase van het EU-migratiepact in juni 2026.