
In een brief van 16 september steunde de hoofdofficier van justitie van Ceuta een uitgebreid onderzoek naar de vraag of de centrale regeringsvertegenwoordiger in de enclave naliet om noodplannen in werking te stellen tijdens de grensdoorbraak van 30-31 juli. De zaak is inmiddels overgedragen aan de Audiencia Nacional in Madrid, die zal beslissen of er administratieve of strafrechtelijke vervolging wordt ingesteld. Het onderzoek richt zich op de vraag waarom er slechts 180 agenten waren ingezet toen naar schatting 70.000 migranten de Tarajal-overgang overstaken. Voorlopige radiologboeken suggereren dat er uren voor de toestroom om versterking was gevraagd, maar dat deze verzoeken niet werden opgevoerd. Vakbondsvertegenwoordigers stellen dat chronische onderbezetting en verouderde oproeruitrusting de situatie verergerden. Een uitspraak van nalatigheid zou Spanje kunnen versterken in haar oproep om blijvende EU-financiering en druk kunnen uitoefenen op regionale autoriteiten om meer Guardia Civil-personeel aan de buitengrenzen in te zetten. Dit kan ook leiden tot schadeclaims van bedrijven die eigendomsverlies of bedrijfsstilstand leden tijdens de twee dagen durende chaos. Bedrijven met vestigingen in Ceuta doen er goed aan de rechtbankagenda in de gaten te houden: elke erkenning van aansprakelijkheid door de staat kan de weg vrijmaken voor versnelde schadeloosstellingsprocedures onder de Spaanse Wet 40/2015 over het juridische regime van de publieke sector.
Bron: El País