
In een late avondstemming op 5 mei 2026 heeft de Franse Nationale Vergadering een wetsvoorstel aangenomen dat de maximale duur van administratieve detentie voor bepaalde niet-EU-burgers die als ernstige veiligheidsrisico’s worden beschouwd, aanzienlijk verlengt. Het voorstel, gesteund door Renaissance-parlementslid Charles Rodwell, de regering en de conservatieve oppositie, verhoogt de maximale detentietermijn voor buitenlanders die gevangenisstraffen voor terrorisme hebben uitgezeten van 180 naar 210 dagen, en voor andere vreemdelingen met een uitzettingsbevel van 90 naar 210 dagen. Voorstanders stellen dat deze langere termijn grenspolitie en justitiële autoriteiten voldoende tijd geeft om uitzettingen te organiseren, consulaire laissez-passers te verkrijgen en chartervluchten te regelen – taken die vaak langer duren dan de huidige limiet van drie maanden, wat leidt tot vrijlatingen die bij het publiek op weinig begrip kunnen rekenen. Minister van Binnenlandse Zaken Gérald Darmanin noemde de stemming “een overwinning voor de openbare veiligheid” en benadrukte dat Frankrijk hiermee alleen aansluiting zoekt bij detentietermijnen die al gelden in andere EU-landen zoals Duitsland en Nederland. Mensenrechtenorganisaties en linkse parlementsleden veroordeelden de maatregel als een “spiraal van uitzonderingsmaatregelen” en waarschuwden dat Frankrijk al meer migranten detineert dan elk ander EU-land behalve Spanje. Het wetsvoorstel gaat nu naar de Senaat, waar een parallel voorstel van senator Bruno Retailleau mogelijk tot verdere wijzigingen en een gezamenlijke commissie kan leiden. Voor global mobility managers betekent deze wijziging strengere handhaving aan het einde van de immigratieprocedure. Derdelanders die hun verblijfsduur overschrijden, de visumvoorwaarden schenden of hun verblijfsrecht verliezen na een strafrechtelijke veroordeling, kunnen nu tot zeven maanden in een detentiecentrum worden vastgehouden terwijl hun uitzetting wordt geregeld. Bedrijven die buitenlandse medewerkers sponsoren, zullen hun naleving moeten aanscherpen en nauwlettend moeten volgen welke werknemers risico lopen hun verblijfsstatus te verliezen, om reputatieschade en kostbare noodrepatriëringen te voorkomen.
Bron: Le Journal du Dimanche