
De bestuursrechter in Nantes heeft op 4 maart (zaak nr. 2603757) officieel vastgesteld dat het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken zijn consulaat in Moroni, Comoren, heeft opgedragen een terugkeervisum te verlenen aan een langdurige inwoner die eerder de toegang was geweigerd. De aanvrager had een spoedprocedure gevraagd om de weigering van oktober 2025 te schorsen; de laatste-minuut terugtrekking van het ministerie maakte de zaak overbodig, maar de rechter beval de staat wel tot betaling van €550 aan proceskosten. Hoewel procedureel van aard, benadrukt deze uitspraak het toenemende gebruik van zogeheten référé-suspension procedures door buitenlandse inwoners en werkgevers om consulaire vertragingen aan te vechten. Nantes is de gespecialiseerde Franse rechtbank voor visumzaken en behandelde in 2025 meer dan 4.200 van dergelijke zaken, een stijging van 17% ten opzichte van het voorgaande jaar, veroorzaakt door strengere documentcontroles en personeelstekorten bij overzeese posten. Voor mobiliteitsmanagers is de boodschap duidelijk: wanneer cruciale medewerkers vastzitten in het buitenland, kan een snelle gerechtelijke procedure binnen enkele dagen administratieve actie afdwingen. Advocaten waarschuwen echter dat succes vaak afhangt van het aantonen van urgentie—zoals gemiste aanvangsdata van werk—en een gegronde twijfel over de rechtmatigheid van de weigering. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft sindsdien bevestigd dat het zijn visumplatform voor het buitenland aan het stroomlijnen is, met de belofte van een beroepstermijn van 48 uur voor bedrijfskritische Talent Passport- en ICT-vergunningen tegen het vierde kwartaal van 2026. Tot die tijd dienen bedrijven rekening te houden met mogelijke proceskosten en mogelijke weigeringen mee te nemen in hun planning van uitzendingen. De uitspraak onderstreept ook het belang van het bijhouden van correcte documentatie; in deze zaak gaf het ministerie toe nadat de aanvrager extra bewijs van verblijfsrechten overhandigde, waardoor een mogelijke door de rechtbank opgelegde sanctie werd voorkomen.
Bron: Doctrine legal database