
Het Oostenrijkse ministerie van Binnenlandse Zaken heeft de financiële toets voor verblijfsvergunningen zonder arbeidsrecht aangescherpt – een immigratiecategorie die populair is onder gepensioneerden, remote werkers en zogenaamde "neo-nomaden" die afhankelijk zijn van buitenlandse inkomsten. Een circulaire die op 8 januari naar provinciale autoriteiten is gestuurd en op 11 januari is gepubliceerd, bevestigt dat vanaf nu alleenstaande aanvragers een netto maandinkomen van minimaal €1.273,99 moeten aantonen, een stijging ten opzichte van €1.222 in 2025. Gehuwde stellen moeten €2.009,85 kunnen aantonen, terwijl de eis voor elk kind ten laste stijgt naar €196,57.
De berekening is gekoppeld aan de jaarlijks geïndexeerde Ausgleichszulagenrichtsatz, de Oostenrijkse norm voor sociale bijstand, en betekent een stijging van ongeveer vier procent. Hoewel de verhoging in absolute termen bescheiden is, ligt de drempel nu boven de €15.000 per jaar voor een individu – wat mogelijk lagere inkomenspensioenen en freelancers die op de cijfers van vorig jaar rekenden, kan uitsluiten.
Immigratieadvocaten in Wenen waarschuwen dat aanvragen die al zijn ingediend maar nog niet zijn beoordeeld, onder de nieuwe bedragen kunnen worden getoetst als de autoriteit nog niet met de inhoudelijke beoordeling is begonnen. Ze adviseren cliënten om proactief aanvullende bankafschriften of pensioenbewijzen in te dienen.
Voor multinationals die de verblijfsvergunning zonder werk als tijdelijke oplossing gebruiken voor partners van sleutelmedewerkers, kan deze wijziging hogere intra-company toelagen vereisen. Het niet voldoen aan de herziene norm voor “gesicherter Lebensunterhalt” is een van de meest voorkomende redenen voor weigering van een vergunning; beroepsprocedures kunnen de verwerkingstijd met enkele maanden verlengen.
Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft geen officiële persverklaring uitgegeven, wat kritiek oproept van verhuisbedrijven over het gebrek aan transparantie. Brancheorganisaties hebben gevraagd om een formele overgangsperiode, maar die is nog niet aangekondigd.
De berekening is gekoppeld aan de jaarlijks geïndexeerde Ausgleichszulagenrichtsatz, de Oostenrijkse norm voor sociale bijstand, en betekent een stijging van ongeveer vier procent. Hoewel de verhoging in absolute termen bescheiden is, ligt de drempel nu boven de €15.000 per jaar voor een individu – wat mogelijk lagere inkomenspensioenen en freelancers die op de cijfers van vorig jaar rekenden, kan uitsluiten.
Immigratieadvocaten in Wenen waarschuwen dat aanvragen die al zijn ingediend maar nog niet zijn beoordeeld, onder de nieuwe bedragen kunnen worden getoetst als de autoriteit nog niet met de inhoudelijke beoordeling is begonnen. Ze adviseren cliënten om proactief aanvullende bankafschriften of pensioenbewijzen in te dienen.
Voor multinationals die de verblijfsvergunning zonder werk als tijdelijke oplossing gebruiken voor partners van sleutelmedewerkers, kan deze wijziging hogere intra-company toelagen vereisen. Het niet voldoen aan de herziene norm voor “gesicherter Lebensunterhalt” is een van de meest voorkomende redenen voor weigering van een vergunning; beroepsprocedures kunnen de verwerkingstijd met enkele maanden verlengen.
Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft geen officiële persverklaring uitgegeven, wat kritiek oproept van verhuisbedrijven over het gebrek aan transparantie. Brancheorganisaties hebben gevraagd om een formele overgangsperiode, maar die is nog niet aangekondigd.