
Air France maakte op 9 april bekend dat de vluchten naar Dubai en Riyad tot 31 maart geannuleerd blijven en de diensten naar Tel Aviv en Beiroet tot 4 april worden opgeschort, vanwege aanhoudende veiligheidsrisico’s en luchtruimsluitingen als gevolg van de escalatie rond Gaza. De luchtvaartmaatschappij had aanvankelijk gehoopt de vluchten op 15 maart te hervatten, maar verlengde de onderbreking nadat de Franse DGAC-aviatierisicocel het dreigingsniveau voor vluchten boven delen van de Golfregio en het Levantijnse gebied had verhoogd. Voor managers van zakelijk reizen maakt deze beslissing de mobiliteitsplanning lastiger. Passagiers met een ticket voor de getroffen routes kunnen hun vlucht omboeken of een terugbetaling aanvragen, maar de beschikbaarheid bij alternatieve maatschappijen is beperkt door de piek in het paasverkeer. Air France geeft aan dat essentiële vracht wordt omgeleid via Amman en Jeddah met partnermaatschappij Saudia, maar passagierscodeshares zijn beperkt. Verzekeraars hebben hun risicomodellen aangepast: bedrijven die personeel via Parijs naar Saoedi-Arabië sturen, kunnen te maken krijgen met extra oorlogsriskopremies. Ondertussen worden de bemanningen van de opgeschorte routes ingezet om de capaciteit op drukke trans-Atlantische vluchten te versterken, waar wachtrijen bij EES voor vertragingen kunnen zorgen. Vooruitkijkend voert Air France een doorlopende veiligheidsbeoordeling uit met een cyclus van 48 uur. Mobiliteitsteams wordt aangeraden de Travel Alert-portal van de luchtvaartmaatschappij in de gaten te houden en alternatieve routes via Istanbul of Athene te overwegen. Mocht de opschorting doorlopen tot de derde week van april, dan kunnen contractuele serviceafspraken voor tijdkritische opdrachten in gevaar komen, wat de inzet van overmachtsclausules noodzakelijk maakt.
Bron: L’Orient Today / Reuters