
Brussel, de zelfbenoemde hoofdstad van Europa, werd op 2 december wakker met een ongewenste mijlpaal: 542 dagen zonder een regionale regering. The Guardian meldt dat het 14-partijenparlement van de stad sinds de verkiezingen van juni 2024 niet in staat is geweest een coalitie te vormen, waarmee het de Belgische nationale impasse van 2010-2011 overtreft.
Hoewel de patstelling voor kleurrijke politieke koppen zorgt, wordt de praktische impact steeds duidelijker in het mobiliteitssysteem. Volgens de demissionaire regels kan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geen nieuwe uitgaven goedkeuren, wat betekent dat er geen extra middelen beschikbaar zijn voor de opvang van onregelmatige migranten, de verwerking van stedenbouwkundige vergunningen of het onderhoud van het openbaar vervoersnetwerk waarop expats dagelijks vertrouwen. Zaken-, academische en culturele leiders – bijna 200 in totaal – ondertekenden deze week een open brief waarin ze waarschuwen dat “politieke inactiviteit nu ons dagelijks leven raakt”, met verwijzing naar een groeiend begrotingstekort en vertraagde sociale huisvestingsprojecten.
De impasse werpt ook een schaduw over aankomende beleidswijzigingen waar werkgevers op wachten, zoals de indexering van regionale salarisdrempels voor werkvergunningen en subsidies voor lage-emissievloten van bedrijven. Totdat er een regering is beëdigd, liggen deze maatregelen stil, wat de planning voor opdrachten in 2026 bemoeilijkt.
Multinationals met veel personeel in Brussel doen er goed aan de cashflowdruk bij lokale leveranciers (waaronder verhuisbureaus) die afhankelijk zijn van regionale aanbestedingen nauwlettend te volgen en extra tijd in te calculeren voor bouw- of visumondersteuningsprojecten die regionale goedkeuring vereisen. Sommige HR-teams sturen grenspendelaars al richting Vlaanderen of Wallonië, waar de administraties functioneren en professionele kaarten sneller worden verwerkt.
Diplomaten vrezen dat een langdurige impasse de Belgische EU-Raadvoorzitterschap in de eerste helft van 2026 kan ondermijnen als regionale diensten – zoals veiligheid, vervoer en huisvesting – ondergefinancierd blijven. Vooralsnog zullen expats vooral de gevolgen merken in trager reagerende overheidsdiensten en uitgestelde infrastructuurreparaties, maar hoe langer het vacuüm duurt, hoe groter de impact op mobiliteit zal worden.
Hoewel de patstelling voor kleurrijke politieke koppen zorgt, wordt de praktische impact steeds duidelijker in het mobiliteitssysteem. Volgens de demissionaire regels kan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geen nieuwe uitgaven goedkeuren, wat betekent dat er geen extra middelen beschikbaar zijn voor de opvang van onregelmatige migranten, de verwerking van stedenbouwkundige vergunningen of het onderhoud van het openbaar vervoersnetwerk waarop expats dagelijks vertrouwen. Zaken-, academische en culturele leiders – bijna 200 in totaal – ondertekenden deze week een open brief waarin ze waarschuwen dat “politieke inactiviteit nu ons dagelijks leven raakt”, met verwijzing naar een groeiend begrotingstekort en vertraagde sociale huisvestingsprojecten.
De impasse werpt ook een schaduw over aankomende beleidswijzigingen waar werkgevers op wachten, zoals de indexering van regionale salarisdrempels voor werkvergunningen en subsidies voor lage-emissievloten van bedrijven. Totdat er een regering is beëdigd, liggen deze maatregelen stil, wat de planning voor opdrachten in 2026 bemoeilijkt.
Multinationals met veel personeel in Brussel doen er goed aan de cashflowdruk bij lokale leveranciers (waaronder verhuisbureaus) die afhankelijk zijn van regionale aanbestedingen nauwlettend te volgen en extra tijd in te calculeren voor bouw- of visumondersteuningsprojecten die regionale goedkeuring vereisen. Sommige HR-teams sturen grenspendelaars al richting Vlaanderen of Wallonië, waar de administraties functioneren en professionele kaarten sneller worden verwerkt.
Diplomaten vrezen dat een langdurige impasse de Belgische EU-Raadvoorzitterschap in de eerste helft van 2026 kan ondermijnen als regionale diensten – zoals veiligheid, vervoer en huisvesting – ondergefinancierd blijven. Vooralsnog zullen expats vooral de gevolgen merken in trager reagerende overheidsdiensten en uitgestelde infrastructuurreparaties, maar hoe langer het vacuüm duurt, hoe groter de impact op mobiliteit zal worden.
Bron: The Guardian