
Een baanbrekend Horizon Europe-project onder leiding van de Universiteit van Birmingham concludeert dat racisme structureel verankerd is in migratie-, arbeidsmarkt- en sociale zekerheidswetgeving in zes EU-lidstaten, waaronder Finland. Het 180 pagina’s tellende rapport “Racial Logics of Irregular Migration in Europe”, dat op 26 februari 2026 werd gepubliceerd, benadrukt dat het beleid zelf – en niet individuele vooroordelen – zorgt voor een indeling in ‘verdienstelijke’ en ‘onverdienstelijke’ migranten.
Uit het onderzoek blijkt dat in Finland Oekraïense vluchtelingen worden gezien als legitieme oorlogsslachtoffers, terwijl Afghanen en Afrikanen die via de Russische landgrens aankomen, worden bestempeld als veiligheidsrisico’s. Deze beeldvorming vertaalt zich in beleid: zo maken de terugduwwet aan de oostgrens van Finland en de nieuwe eis van zes jaar verblijf voor permanente verblijfsvergunningen het moeilijker voor niet-Europese migranten om zich langdurig te vestigen.
Het rapport stelt dat deze maatregelen de arbeidssegmentatie versterken. Migranten die werken in de landbouw, schoonmaak en voedselbezorging blijven vaak op tijdelijke vergunningen, die hun verblijfsstatus koppelen aan één werkgever en de toegang tot sociale zekerheid beperken. Deze afhankelijkheid vergroot het risico op uitbuiting en ontmoedigt interne mobiliteit binnen bedrijven.
Voor multinationals zijn de bevindingen een waarschuwing dat alleen voldoen aan de regels niet genoeg is; reputatieschade kan ook ontstaan door de manier waarop bedrijven omgaan met uitzendkrachten en onderaannemers die vastzitten in beperkende vergunningensystemen. De auteurs roepen beleidsmakers op om de antiracisme-doelstellingen te koppelen aan de immigratierevormen die momenteel in het Finse parlement worden besproken, met de waarschuwing dat het nalaten hiervan het vermogen van het land om wereldwijd talent aan te trekken en te behouden, zal ondermijnen.
Uit het onderzoek blijkt dat in Finland Oekraïense vluchtelingen worden gezien als legitieme oorlogsslachtoffers, terwijl Afghanen en Afrikanen die via de Russische landgrens aankomen, worden bestempeld als veiligheidsrisico’s. Deze beeldvorming vertaalt zich in beleid: zo maken de terugduwwet aan de oostgrens van Finland en de nieuwe eis van zes jaar verblijf voor permanente verblijfsvergunningen het moeilijker voor niet-Europese migranten om zich langdurig te vestigen.
Het rapport stelt dat deze maatregelen de arbeidssegmentatie versterken. Migranten die werken in de landbouw, schoonmaak en voedselbezorging blijven vaak op tijdelijke vergunningen, die hun verblijfsstatus koppelen aan één werkgever en de toegang tot sociale zekerheid beperken. Deze afhankelijkheid vergroot het risico op uitbuiting en ontmoedigt interne mobiliteit binnen bedrijven.
Voor multinationals zijn de bevindingen een waarschuwing dat alleen voldoen aan de regels niet genoeg is; reputatieschade kan ook ontstaan door de manier waarop bedrijven omgaan met uitzendkrachten en onderaannemers die vastzitten in beperkende vergunningensystemen. De auteurs roepen beleidsmakers op om de antiracisme-doelstellingen te koppelen aan de immigratierevormen die momenteel in het Finse parlement worden besproken, met de waarschuwing dat het nalaten hiervan het vermogen van het land om wereldwijd talent aan te trekken en te behouden, zal ondermijnen.
Bron: University of Birmingham