
Industriegegevens van 16 juni tonen aan dat de stoelcapaciteit tussen India en het Verenigd Koninkrijk in juni met 18,7% is gestegen ten opzichte van vorig jaar, ondanks dat luchtvaartmaatschappijen vluchten naar West- en Zuidoost-Azië hebben verminderd vanwege hoge brandstofkosten en luchtruimbeperkingen door de oorlog in Iran. British Airways en Lufthansa lopen voorop met grotere vliegtuigen en extra frequenties. Voor reismanagers in het VK betekent dit meer beschikbaarheid – en mogelijk lagere tarieven – op langeafstandsvluchten naar Zuid-Azië, wat helpt de druk op bedrijfsbudgetten tijdens de drukke zomerperiode te verlichten. Deze ontwikkeling benadrukt ook het strategische belang van rechtstreekse verbindingen, nu conflicten en overvluchtverboden traditionele hubs in de Golfregio minder aantrekkelijk maken. Toch blijft de situatie onvoorspelbaar: toeslagen door omgeleide routes over Pakistan en de Kaukasus drijven de operationele kosten op. Bedrijven doen er goed aan de tariefklassen nauwlettend te volgen en reizigers te waarschuwen dat last-minute beschikbaarheid krap kan blijven als geopolitieke spanningen toenemen. Op de lange termijn kan deze capaciteitsverschuiving de ontwikkeling van secundaire luchthavens in het VK versnellen, aangezien luchtvaartmaatschappijen op zoek zijn naar extra slots. Regionale kamers lobbyen al voor stimuleringsmaatregelen om nieuwe directe verbindingen vanuit Indiase steden van de tweede rang aan te trekken.
Bron: Business Standard