
Op 5 november presenteerde EU-commissaris voor transport Adina Vălean in Brussel een baanbrekende strategie om binnen 15 jaar alle hoofdsteden van de EU met hogesnelheidstreinen te verbinden. Het plan combineert de modernisering van bestaande corridors – waaronder de as Brussel-Amsterdam-Berlijn – met nieuwe grensoverschrijdende lijnen die reistijden drastisch moeten verkorten en reizigers moeten verleiden om korteafstandsvluchten te vermijden.
Volgens de indicatieve kaart zou een reiziger tegen 2040 in minder dan vijf uur van Brussel naar Barcelona kunnen reizen, tegenover meer dan zeven uur nu. De reistijd tussen Berlijn en Kopenhagen zou dalen van zeven naar minder dan vier uur. De Commissie schat dat het verschuiven van slechts 10 procent van de intra-EU vluchten onder de 600 km naar de trein de jaarlijkse CO₂-uitstoot van de luchtvaart met 4 miljoen ton kan verminderen.
De financiering komt uit een mix van subsidies van het Connecting Europe Facility-programma, groene obligaties uitgegeven door de Europese Investeringsbank en particuliere leningen met garanties tegen verkeersrisico’s. Lidstaten, waaronder België, moeten uiterlijk medio 2026 hun geactualiseerde nationale investeringsplannen indienen om aanspraak te maken op de eerste tranche van de fondsen. De Belgische minister van Infrastructuur, Lydia Peeters, verwelkomde het voorstel en benadrukte dat Brussel-Zuid al het op één na drukste internationale spoorwegknooppunt van Europa is, en dat capaciteitsuitbreidingen rond Leuven en Luik snellere oost-westverbindingen mogelijk maken.
Voor wereldwijde mobiliteitsprogramma’s biedt het project concrete voordelen: meer keuze in koolstofarme directe reismogelijkheden voor leidinggevenden, minder variabiliteit in reistijden vergeleken met drukke luchtcorridors, en een groter bereik van talentenpools voor bedrijven met vestigingen langs het netwerk. Reispolicy-teams zullen echter de bouwgerelateerde verstoringen en mogelijke prijsschommelingen bij tickets moeten monitoren naarmate nieuwe treinstellen worden ingevoerd.
Het spoorwegplan maakt deel uit van een dubbel pakket dat ook strengere eisen stelt aan duurzame vliegtuigbrandstoffen, waarmee de EU haar multimodale aanpak voor het koolstofvrij maken van mobiliteit onderstreept.
Volgens de indicatieve kaart zou een reiziger tegen 2040 in minder dan vijf uur van Brussel naar Barcelona kunnen reizen, tegenover meer dan zeven uur nu. De reistijd tussen Berlijn en Kopenhagen zou dalen van zeven naar minder dan vier uur. De Commissie schat dat het verschuiven van slechts 10 procent van de intra-EU vluchten onder de 600 km naar de trein de jaarlijkse CO₂-uitstoot van de luchtvaart met 4 miljoen ton kan verminderen.
De financiering komt uit een mix van subsidies van het Connecting Europe Facility-programma, groene obligaties uitgegeven door de Europese Investeringsbank en particuliere leningen met garanties tegen verkeersrisico’s. Lidstaten, waaronder België, moeten uiterlijk medio 2026 hun geactualiseerde nationale investeringsplannen indienen om aanspraak te maken op de eerste tranche van de fondsen. De Belgische minister van Infrastructuur, Lydia Peeters, verwelkomde het voorstel en benadrukte dat Brussel-Zuid al het op één na drukste internationale spoorwegknooppunt van Europa is, en dat capaciteitsuitbreidingen rond Leuven en Luik snellere oost-westverbindingen mogelijk maken.
Voor wereldwijde mobiliteitsprogramma’s biedt het project concrete voordelen: meer keuze in koolstofarme directe reismogelijkheden voor leidinggevenden, minder variabiliteit in reistijden vergeleken met drukke luchtcorridors, en een groter bereik van talentenpools voor bedrijven met vestigingen langs het netwerk. Reispolicy-teams zullen echter de bouwgerelateerde verstoringen en mogelijke prijsschommelingen bij tickets moeten monitoren naarmate nieuwe treinstellen worden ingevoerd.
Het spoorwegplan maakt deel uit van een dubbel pakket dat ook strengere eisen stelt aan duurzame vliegtuigbrandstoffen, waarmee de EU haar multimodale aanpak voor het koolstofvrij maken van mobiliteit onderstreept.