
Ryanair zal vanaf april 2026 ongeveer 10% van haar capaciteit schrappen op Brussels South Charleroi Airport, wat neerkomt op 1,1 miljoen stoelen, nadat België een passagierstaks van €3 heeft ingevoerd. CEO Michael O’Leary noemde de heffing “dom” en bevestigde dat meerdere vliegtuigen worden verplaatst naar goedkopere bases in Zweden, Albanië, Italië en Slowakije.
Hoewel deze maatregel vooral gevolgen heeft voor het Belgische uitgaande verkeer, zijn er ook gevolgen voor Ierse bedrijven. Charleroi is een populaire low-cost toegangspoort voor farmaceutische en tech-teams die reizen tussen Dublin en EU-instellingen. Minder vluchten zullen waarschijnlijk reizigers dwingen om de duurdere Dublin–Zaventem route te nemen of indirecte verbindingen via Londen en Amsterdam.
Travel managers moeten rekening houden met hogere tarieven, onvoorspelbare dienstregelingen en mogelijke uitzonderingen in het reisbeleid voor treinreizen naar Brussel. Bedrijven die bewust zijn van hun CO2-uitstoot kunnen een verschuiving naar andere vervoerswijzen toejuichen, maar budgethouders krijgen direct te maken met uitdagingen in de planning.
O’Leary gebruikte de aankondiging ook om in Brussel te pleiten voor een andere aanpak van CO2-prijzen, waarbij hij stelde dat het Europese emissiehandelssysteem zich moet richten op langeafstandsvluchten in plaats van “intra-EU vluchten te bestraffen”. Deze discussie laat zien hoe milieubelastingen snel de economische haalbaarheid van routes kunnen veranderen – een ontwikkeling die mobiliteitsteams in 2026 nauwlettend moeten volgen.
Hoewel deze maatregel vooral gevolgen heeft voor het Belgische uitgaande verkeer, zijn er ook gevolgen voor Ierse bedrijven. Charleroi is een populaire low-cost toegangspoort voor farmaceutische en tech-teams die reizen tussen Dublin en EU-instellingen. Minder vluchten zullen waarschijnlijk reizigers dwingen om de duurdere Dublin–Zaventem route te nemen of indirecte verbindingen via Londen en Amsterdam.
Travel managers moeten rekening houden met hogere tarieven, onvoorspelbare dienstregelingen en mogelijke uitzonderingen in het reisbeleid voor treinreizen naar Brussel. Bedrijven die bewust zijn van hun CO2-uitstoot kunnen een verschuiving naar andere vervoerswijzen toejuichen, maar budgethouders krijgen direct te maken met uitdagingen in de planning.
O’Leary gebruikte de aankondiging ook om in Brussel te pleiten voor een andere aanpak van CO2-prijzen, waarbij hij stelde dat het Europese emissiehandelssysteem zich moet richten op langeafstandsvluchten in plaats van “intra-EU vluchten te bestraffen”. Deze discussie laat zien hoe milieubelastingen snel de economische haalbaarheid van routes kunnen veranderen – een ontwikkeling die mobiliteitsteams in 2026 nauwlettend moeten volgen.