
Employment and Social Development Canada heeft op 1 april 2026 stilletjes een proefproject van één jaar gestart dat de limieten van het Temporary Foreign Worker Program (TFWP) versoepelt voor werkgevers buiten de stedelijke gebieden. Tot 31 maart 2027 mogen rurale werkplekken die in aanmerking komen hun huidige aantal laagbetaalde buitenlandse werknemers behouden, zelfs als dat aandeel boven de gebruikelijke grens van 10 procent ligt, of tot 15 procent van hun personeel via de laagbetaalde categorie aannemen.
Deze wijziging is belangrijk voor agrarische bedrijven, voedselverwerkers, toerisme en mijnbouwbedrijven die de plattelandseconomie domineren, maar moeite hebben om Canadezen te vinden voor ploegendiensten, seizoenswerk of geografisch geïsoleerde functies. Door een hoger aandeel buitenlandse werknemers toe te staan, wil Ottawa productievertragingen voorkomen en exportcontracten op schema houden, terwijl er parallel wordt gewerkt aan het opleiden van lokaal talent.
De deelnemende provincies moeten zich hiervoor aanmelden. Québec en Nova Scotia hebben al direct toegezegd, terwijl Alberta en Ontario nog bekijken hoe dit past binnen hun eigen arbeidsmarktstrategieën. Werkgevers moeten nog steeds een Labour Market Impact Assessment (LMIA) aanvragen en aantonen dat ze eerst Canadezen hebben geworven; consultants verwachten echter dat de verwerking sneller zal verlopen omdat aanvragen niet langer worden afgewezen vanwege het overschrijden van de 10 procent grens.
Voor internationale mobiliteitsteams biedt het proefproject een alternatief voor het verplaatsen van personeel via intra-company transfers, die vaak duurder zijn en werknemers beperken tot management- of gespecialiseerde functies. Bedrijven doen er goed aan hun bestaande rurale locaties te vergelijken met de grenzen van de Census Metropolitan Areas van Statistics Canada en LMIA-aanvragen voor de zomerpiek in te plannen. Ook moeten ze rekening houden met een hoger risico op nalevingscontroles: ESDC kondigt aan dat het aantal inspecties op locatie zal toenemen om te controleren of huisvesting en loonvoorwaarden worden nageleefd.
Als het initiatief erin slaagt het aantal onvervulde vacatures te verminderen, kan Ottawa de 15 procent limiet permanent maken of uitbreiden naar aangewezen ‘bijna-rurale’ gemeenschappen – vergelijkbaar met hoe het Atlantic Immigration Program van proefproject naar permanente regeling is geëvolueerd.
Deze wijziging is belangrijk voor agrarische bedrijven, voedselverwerkers, toerisme en mijnbouwbedrijven die de plattelandseconomie domineren, maar moeite hebben om Canadezen te vinden voor ploegendiensten, seizoenswerk of geografisch geïsoleerde functies. Door een hoger aandeel buitenlandse werknemers toe te staan, wil Ottawa productievertragingen voorkomen en exportcontracten op schema houden, terwijl er parallel wordt gewerkt aan het opleiden van lokaal talent.
De deelnemende provincies moeten zich hiervoor aanmelden. Québec en Nova Scotia hebben al direct toegezegd, terwijl Alberta en Ontario nog bekijken hoe dit past binnen hun eigen arbeidsmarktstrategieën. Werkgevers moeten nog steeds een Labour Market Impact Assessment (LMIA) aanvragen en aantonen dat ze eerst Canadezen hebben geworven; consultants verwachten echter dat de verwerking sneller zal verlopen omdat aanvragen niet langer worden afgewezen vanwege het overschrijden van de 10 procent grens.
Voor internationale mobiliteitsteams biedt het proefproject een alternatief voor het verplaatsen van personeel via intra-company transfers, die vaak duurder zijn en werknemers beperken tot management- of gespecialiseerde functies. Bedrijven doen er goed aan hun bestaande rurale locaties te vergelijken met de grenzen van de Census Metropolitan Areas van Statistics Canada en LMIA-aanvragen voor de zomerpiek in te plannen. Ook moeten ze rekening houden met een hoger risico op nalevingscontroles: ESDC kondigt aan dat het aantal inspecties op locatie zal toenemen om te controleren of huisvesting en loonvoorwaarden worden nageleefd.
Als het initiatief erin slaagt het aantal onvervulde vacatures te verminderen, kan Ottawa de 15 procent limiet permanent maken of uitbreiden naar aangewezen ‘bijna-rurale’ gemeenschappen – vergelijkbaar met hoe het Atlantic Immigration Program van proefproject naar permanente regeling is geëvolueerd.