
Multinationals krijgen duidelijkheid over Zwitserse personeelsplanning: quota voor 2026 blijven ongewijzigd
Multinationale werkgevers hebben eindelijk duidelijkheid gekregen over de personeelsplanning in Zwitserland. De Federale Raad bevestigde op 5 december dat de quota voor derde-landers en voor Britse en EU/EFTA-dienstverleners die langer dan 120 dagen blijven, volgend jaar ongewijzigd blijven. Voor 2026 blijft het maximum op 8.500 vergunningen voor hoogopgeleide werknemers van buiten de EU/EFTA: 4.500 B-vergunningen (verblijf) en 4.000 L-vergunningen (kort verblijf).
Daarnaast zijn er 3.500 vergunningen gereserveerd voor langdurige detacheringen van EU/EFTA-dienstverleners, en 3.500 plaatsen voor Britse staatsburgers onder het Brexit-bilateraal. Deze beslissing volgt op overleg met kantonnale autoriteiten en brancheorganisaties, die pleitten voor stabiliteit te midden van een afkoelende arbeidsmarkt en toenemende automatisering.
Hoewel de totale aantallen gelijk blijven, moeten mobiliteitsmanagers rekening houden met mogelijke aanscherpingen van de interne toewijzingscriteria door de kantons, vooral voor functies die lokaal ingevuld kunnen worden. Vroegtijdige aanvragen in het eerste kwartaal zijn aan te raden: in 2025 waren de L-vergunningen in Zürich en Vaud al tegen het einde van de zomer uitgeput, waardoor bedrijven startdata moesten uitstellen.
De Verordening inzake Toelating, Verblijfsduur en Werkgelegenheid (ASEO) wordt hierop aangepast en treedt in werking op 1 januari 2026. Werkgevers moeten ook blijven aantonen dat er arbeidsmarkttoetsing en salarispariteit is voor elk dossier, eisen die de Zwitserse autoriteiten volgend jaar strenger zullen controleren.
Voor talentacquisitieteams betekent dit dat de huidige situatie voorspelbaar blijft, maar geen extra ruimte biedt. Strategisch gebruik van de 90/120-dagen kortetermijnvrijstellingen en uitzonderingen voor intra-company transfers blijft essentieel om projecten op schema te houden.
Multinationale werkgevers hebben eindelijk duidelijkheid gekregen over de personeelsplanning in Zwitserland. De Federale Raad bevestigde op 5 december dat de quota voor derde-landers en voor Britse en EU/EFTA-dienstverleners die langer dan 120 dagen blijven, volgend jaar ongewijzigd blijven. Voor 2026 blijft het maximum op 8.500 vergunningen voor hoogopgeleide werknemers van buiten de EU/EFTA: 4.500 B-vergunningen (verblijf) en 4.000 L-vergunningen (kort verblijf).
Daarnaast zijn er 3.500 vergunningen gereserveerd voor langdurige detacheringen van EU/EFTA-dienstverleners, en 3.500 plaatsen voor Britse staatsburgers onder het Brexit-bilateraal. Deze beslissing volgt op overleg met kantonnale autoriteiten en brancheorganisaties, die pleitten voor stabiliteit te midden van een afkoelende arbeidsmarkt en toenemende automatisering.
Hoewel de totale aantallen gelijk blijven, moeten mobiliteitsmanagers rekening houden met mogelijke aanscherpingen van de interne toewijzingscriteria door de kantons, vooral voor functies die lokaal ingevuld kunnen worden. Vroegtijdige aanvragen in het eerste kwartaal zijn aan te raden: in 2025 waren de L-vergunningen in Zürich en Vaud al tegen het einde van de zomer uitgeput, waardoor bedrijven startdata moesten uitstellen.
De Verordening inzake Toelating, Verblijfsduur en Werkgelegenheid (ASEO) wordt hierop aangepast en treedt in werking op 1 januari 2026. Werkgevers moeten ook blijven aantonen dat er arbeidsmarkttoetsing en salarispariteit is voor elk dossier, eisen die de Zwitserse autoriteiten volgend jaar strenger zullen controleren.
Voor talentacquisitieteams betekent dit dat de huidige situatie voorspelbaar blijft, maar geen extra ruimte biedt. Strategisch gebruik van de 90/120-dagen kortetermijnvrijstellingen en uitzonderingen voor intra-company transfers blijft essentieel om projecten op schema te houden.