
Frankrijks langdurige strijd over spoor- en metrostakingen kreeg deze week een beslissende wending toen de wetgevingscommissie van de Nationale Vergadering een wetsvoorstel goedkeurde dat het stakingsrecht in de transportsector beperkt tot 30 ‘beschermde-dagen’ per jaar.
Het voorstel, ingediend door centrumrechtse parlementsleden en gesteund door Les Républicains en het Rassemblement National, verplicht vakbonden en werkgevers om jaarlijks een kalender op te stellen met stakingsvrije periodes tijdens schoolvakanties, openbare examens, grote sportevenementen en andere piekmomenten. Lukt het niet om overeenstemming te bereiken, dan kan de regering na advies van de Raad van State via een decreet bindende regels opleggen.
Belangrijke bepalingen verlengen de stakingsaanzegging van 48 naar 72 uur, beperken de actie tot zes uur per beschermde dag en pakken de zogenaamde ‘préavis dormants’ aan, de openstaande aanzeggingen die stakingen op korte termijn mogelijk maken. Luchtverkeersleiding is voorlopig uitgesloten, maar spoor (SNCF), metro (RATP) en regionale busdiensten vallen wel onder de regels.
Zakelijke reizigersorganisaties juichten de stemming toe en wezen erop dat 17 afzonderlijke spoorstakingen in 2025 bedrijven naar schatting 290 miljoen euro aan productiviteitsverlies en omleidingskosten hebben gekost. Vakbonden bestempelden het wetsvoorstel als een “ongekende aanval” op een grondwettelijke vrijheid en kondigden massale protesten aan voorafgaand aan het debat in de voltallige vergadering op 22 januari.
Als de wet wordt aangenomen, zullen werkgevers hun reisbeleid moeten herzien, vooral voor drukke periodes zoals Pasen en de Olympische Spelen van Parijs 2026. Mobiliteitsmanagers doen er goed aan mogelijke juridische uitdagingen bij de Franse Grondwettelijke Raad nauwlettend te volgen, die in eerdere uitspraken een balans zocht tussen continuïteit van diensten en arbeidsrechten.
Het voorstel, ingediend door centrumrechtse parlementsleden en gesteund door Les Républicains en het Rassemblement National, verplicht vakbonden en werkgevers om jaarlijks een kalender op te stellen met stakingsvrije periodes tijdens schoolvakanties, openbare examens, grote sportevenementen en andere piekmomenten. Lukt het niet om overeenstemming te bereiken, dan kan de regering na advies van de Raad van State via een decreet bindende regels opleggen.
Belangrijke bepalingen verlengen de stakingsaanzegging van 48 naar 72 uur, beperken de actie tot zes uur per beschermde dag en pakken de zogenaamde ‘préavis dormants’ aan, de openstaande aanzeggingen die stakingen op korte termijn mogelijk maken. Luchtverkeersleiding is voorlopig uitgesloten, maar spoor (SNCF), metro (RATP) en regionale busdiensten vallen wel onder de regels.
Zakelijke reizigersorganisaties juichten de stemming toe en wezen erop dat 17 afzonderlijke spoorstakingen in 2025 bedrijven naar schatting 290 miljoen euro aan productiviteitsverlies en omleidingskosten hebben gekost. Vakbonden bestempelden het wetsvoorstel als een “ongekende aanval” op een grondwettelijke vrijheid en kondigden massale protesten aan voorafgaand aan het debat in de voltallige vergadering op 22 januari.
Als de wet wordt aangenomen, zullen werkgevers hun reisbeleid moeten herzien, vooral voor drukke periodes zoals Pasen en de Olympische Spelen van Parijs 2026. Mobiliteitsmanagers doen er goed aan mogelijke juridische uitdagingen bij de Franse Grondwettelijke Raad nauwlettend te volgen, die in eerdere uitspraken een balans zocht tussen continuïteit van diensten en arbeidsrechten.
Bron: Sortiraparis