
TopSource Worldwide, een wereldwijde aanbieder van EOR-diensten, publiceerde op 14 september een gedetailleerde vergelijking van de werkvergunningssystemen in de VAE, Saoedi-Arabië en Qatar, waarbij werd benadrukt hoe localisatiequota steeds meer bepalen of visa worden toegekend. Het rapport meldt dat Emiratisering medio 2026 een doelstelling van 9% in de private sector bereikte, oplopend tot 10% tegen het einde van het jaar. Niet-nalevende bedrijven riskeren boetes van AED 10.000 per maand per ontbrekende lokale werknemer en mogelijke schorsing van hun portaal. De Nitaqat-categorieën in Saoedi-Arabië vormen de duurste drempel: bedrijven in de “Rode” categorie mogen geen visa uitgeven of verlengen en moeten bovendien een maandelijkse expatheffing van SAR 700–800 betalen. Qatar rekent daarentegen een vast jaarlijks vergunningstarief van QAR 100, maar handhaaft sectorgebonden Qatarisatiequota volgens Wet 12 van 2024. Voor mobiliteitsmanagers is de boodschap duidelijk: visa-budgetten moeten nu ook rekening houden met localisatieboetes en administratieve stilstand, niet alleen met stempelkosten. Het rapport adviseert het inschakelen van een Employer of Record wanneer het personeelsbestand te klein is om een eigen entiteit te rechtvaardigen en wanneer het missen van localisatiedoelen kan leiden tot bevriezing van alle vergunningen. Daarnaast waarschuwt het dat hervormingen in arbeidsmobiliteit verschillen: de Saoedische Labor Reform Initiative maakt het voor de meeste werknemers mogelijk om van sponsor te wisselen zonder toestemming van de werkgever, terwijl in de VAE het verblijfsrecht nog steeds gekoppeld is aan de sponsorerende entiteit, waardoor offboarding-processen cruciaal zijn bij personeelswisselingen binnen groepsbedrijven.
Bron: TopSource Worldwide