
De Italiaanse consumentenorganisatie Codacons heeft een formele klacht ingediend bij zowel de nationale mededingingsautoriteit (AGCM) als de civiele luchtvaarttoezichthouder ENAC. Ze beschuldigen meerdere luchtvaartmaatschappijen ervan systematisch de gepubliceerde vluchtduur te verlengen om zo te voorkomen dat ze EU-compensatie moeten betalen bij vertragingen. In de klacht van 29 december 2025 worden verschillen tot wel 70 minuten genoemd op langeafstandsroutes zoals Rome–Miami, en tot 25 minuten op korteafstandsvluchten.
Deze praktijk, in de sector bekend als “schedule padding”, geeft luchtvaartmaatschappijen een marge waardoor de statistieken over stiptheid er beter uitzien en, nog belangrijker, aankomsten binnen de drie-uur vertraging blijven die EU-verordening 261/2004 tot compensatie verplicht. Codacons stelt dat deze tactiek een oneerlijke handelspraktijk is, omdat passagiers betalen voor langere bloktijden en worden ontmoedigd om geldige claims in te dienen.
Regelgevend kader: ENAC houdt al toezicht op punctualiteit, maar heeft luchtvaartmaatschappijen nog nooit gesanctioneerd voor schedule padding. De betrokkenheid van AGCM kan het onderzoek uitbreiden naar misleidende reclame en mogelijke afspraken tussen maatschappijen als meerdere partijen hun schema’s gelijktijdig aanpassen.
Gevolgen voor mobiliteitsmanagers: Als de toezichthouders Codacons gelijk geven, kunnen luchtvaartmaatschappijen worden verplicht realistische bloktijden te publiceren of hoge boetes riskeren. Dit kan leiden tot kortere marges en een grotere kans op statistisch meetbare vertragingen. Bedrijfsreismanagers doen er goed aan hun service level agreements te herzien en clausules toe te voegen die “gate-to-gate” in plaats van “gepland” tijd meten, om zo nauwkeurige KPI’s te waarborgen.
Vervolgstappen: AGCM heeft 180 dagen om te beslissen of er een volledig onderzoek komt; ENAC kan eerder onafhankelijke technische audits uitvoeren. Codacons kondigt ook een collectieve rechtszaak aan om automatische gedeeltelijke terugbetalingen te eisen voor opgeblazen schema’s. De luchtvaartlobby benadrukt dat buffers essentieel zijn voor operationele veerkracht in het drukke Europese luchtruim.
Deze praktijk, in de sector bekend als “schedule padding”, geeft luchtvaartmaatschappijen een marge waardoor de statistieken over stiptheid er beter uitzien en, nog belangrijker, aankomsten binnen de drie-uur vertraging blijven die EU-verordening 261/2004 tot compensatie verplicht. Codacons stelt dat deze tactiek een oneerlijke handelspraktijk is, omdat passagiers betalen voor langere bloktijden en worden ontmoedigd om geldige claims in te dienen.
Regelgevend kader: ENAC houdt al toezicht op punctualiteit, maar heeft luchtvaartmaatschappijen nog nooit gesanctioneerd voor schedule padding. De betrokkenheid van AGCM kan het onderzoek uitbreiden naar misleidende reclame en mogelijke afspraken tussen maatschappijen als meerdere partijen hun schema’s gelijktijdig aanpassen.
Gevolgen voor mobiliteitsmanagers: Als de toezichthouders Codacons gelijk geven, kunnen luchtvaartmaatschappijen worden verplicht realistische bloktijden te publiceren of hoge boetes riskeren. Dit kan leiden tot kortere marges en een grotere kans op statistisch meetbare vertragingen. Bedrijfsreismanagers doen er goed aan hun service level agreements te herzien en clausules toe te voegen die “gate-to-gate” in plaats van “gepland” tijd meten, om zo nauwkeurige KPI’s te waarborgen.
Vervolgstappen: AGCM heeft 180 dagen om te beslissen of er een volledig onderzoek komt; ENAC kan eerder onafhankelijke technische audits uitvoeren. Codacons kondigt ook een collectieve rechtszaak aan om automatische gedeeltelijke terugbetalingen te eisen voor opgeblazen schema’s. De luchtvaartlobby benadrukt dat buffers essentieel zijn voor operationele veerkracht in het drukke Europese luchtruim.
Bron: ANSA