
De Belgische Federale Ministerraad heeft in eerste lezing een voorstel goedgekeurd van staatssecretaris voor Asiel en Migratie Anneleen Van Bossuyt, dat de verblijfsrechten van EU-burgers die naar België komen om werk te zoeken, aanscherpt. Volgens het ontwerp van het koninklijk besluit moet een EU-burger binnen de eerste drie maanden na aankomst actief kunnen aantonen dat hij op zoek is naar werk, door zich te registreren bij de regionale arbeidsdienst en sollicitaties te documenteren. Na zes maanden volgt een verplichte controle waarbij bewijs moet worden geleverd van een ‘realistisch vooruitzicht op werk’, zoals een voorlopig arbeidscontract, uitnodigingen voor sollicitatiegesprekken of in België erkende beroepskwalificaties. Als de werkzoekende niet slaagt voor deze zesmaandentest, kunnen de gemeentelijke autoriteiten de verblijfskaart intrekken, wat een termijn van 30 dagen oplegt om het land te verlaten. Ook aanvragen voor gezinshereniging die gekoppeld zijn aan werkzoekenden worden afgewezen tenzij de hoofdaanvrager slaagt voor de nieuwe arbeidsmarkttest. Van Bossuyt stelt dat de hervorming misbruik van sociale bijstand moet tegengaan, maar vakbonden en voorstanders van vrij verkeer waarschuwen dat dit een van de fundamentele vrijheden van de EU ondermijnt. Voor werkgevers kan deze maatregel het aanbod van spontaan binnenkomend talent verkleinen, vooral in sectoren met al krapte zoals techniek, life sciences en horeca. HR-teams die inzetten op instroom via spontane sollicitaties moeten rekening houden met extra doorlooptijd om bezoekers om te zetten in werkvergunninghouders en mogelijk snellere besluitvormingsprocessen bieden om kandidaten te helpen de zesmaandentermijn te halen. Mobiliteitsmanagers dienen EU-werknemers goed te informeren over de benodigde documenten – van inschrijvingsbewijzen bij VDAB of Actiris tot kopieën van sollicitatie-e-mails – zodat zij aan gemeentelijke controles kunnen voldoen. Vanuit compliance-oogpunt betekent de strengere gezinsherenigingsregel dat werkgevers die afhankelijken sponsoren via de ‘werkzoekerstatus’ een hoger risico op afwijzing lopen en rekening moeten houden met mogelijke beroepsprocedures. Het ontwerp gaat nu naar de Raad van State voor juridische toetsing, maar kan bij goedkeuring al in het vierde kwartaal van 2026 in werking treden. Bedrijven doen er goed aan de publicatie in het Belgisch Staatsblad te volgen en hun relocatiechecklists hierop aan te passen. Deze maatregel sluit aan bij de EU-inspanningen voor strengere coördinatie van sociale zekerheid en weerspiegelt vergelijkbare werkzoekerstermijnen die recent in Nederland en Duitsland zijn ingevoerd – een teken dat mobiliteitsprogramma’s in heel Europa met deze nieuwe beleidslijn rekening moeten houden.
Bron: 21 News